De ganzenhoedster

Dolle dwergen

De dolle dwergen deel 7.

Dat smeert de keel zei Gijnoog en nam nog een slok van het heerlijke brouwseltje.
Luidruchtig kwam ondertussen Gerrit de merel aanvliegen, die zo nodig zijn avontuur kwijt moest, dat werd een gekibbel. Trots liet hij het gat in zijn vleugel bekijken waar een slagpen ontbrak en keek ondeugend naar Rossy kat die ook mee zat te luisteren naar de avonturen van de dolle dwergen. Op de komst van Gerrit de merel hier, zat hij eigenlijk niet zo te wachten, dat was een miskleun geweest en nu ook nog een schande voor hem.

Gelukkig hernam Dikkie een van de vier dwergen het verhaal, zodat Gijnoog wat kon drinken en uitrusten en Gerrit zijn mond dicht moest houden uit beleefdheid. Een geluk voor Rossy de kater. Dikkie kuchte even gewichtig zoals vertellers dat altijd doen en begon:
Al snel kwamen we boven het land dat in zicht was gekomen, er stonden zowaar palmen aan het strand tussen bloeiende struiken. In de verte rees een enorme ruïne op uit de vlakte. Gegakker achter ons was niet van de lucht en nam alleen maar toe. We werden zowaar ingehaald door de ganzen. Gijnoog had nog harder aan de steel van de vliegbezem getrokken, maar dat had hem geen zier geholpen. De eerste gans vloog voorbij en gakte dat hij het initiatief ging nemen om de weg te wijzen. Dwergen weten immers niet waar ganzen naar toe willen vliegen.
Na een uurtje vliegen kwam de ruïne in zicht, enorme steenblokken die in de vorm van een ring in de grond staken, sommige ervan hadden ook nog een enorm steenblok dat daar boven op lag als overspanning. Een ervan leek in de verte op een grote stenen reus. Dat is warempel Stonehenge een geheimzinnig bouwsel uit de oudheid wist Langneus. We vlogen recht onder de benen van de op een grote reus lijkende steenmassa door en daalde midden in de cirkel af. Het was grappig hoe die ganzen achter elkaar landen en dan waggelend voort renden, alsof ze niet konden stoppen met lopen, Zeker vette remmen had Gijnoog grimmig opgemerkt.
Gijnoog zette op zijn beurt de bezem veilig aan de grond en deed behoorlijk wat stof opwaaien doordat hij de steel te recht had getrokken, alsof de landingsbaan niet lang genoeg was. Verwonderd zagen we hoe een deel de ganzen zich in rijen opstelden, terwijl de anderen ganzen zich verdrongen rond een vrouw in een lang kleed, terwijl ze luidkeels gakkerden van blijdschap om het weerzien.
De ganzenhoedster( volgens Langneus) strooide eten rond en ganzen vielen er op aan van de honger na zo een lange vlucht. De ganzen die in de rij stonden deden hun snavels open en bleven zo in de richting van de ganzenhoedster staan, die niet begrijpend toekeek. Wat moet dat had ze gevraagd. Een oorverdovend gesnater was het antwoord waarna de ganzen in de rij hun koppen nog hoger uitstaken en de snavels nog verder opensperden. Nieuwsgierig gingen de vier dwergvrienden wat dichterbij om dat vreemde spektakel te zien. De aanvoerder en grootste veelvraat van de schrokkende ganzen waggelde op de ganzenhoedster toe en vertelde met veel gesnater dat die ganzen in de rij daar, eigenlijk een opgezette lever hadden die er uitgehaald moest worden. Ze hadden jaren in een tehuis gezeten waar ze met een trechter opgevoed werden. Ze vonden de operatie echter zo eng dat ze gevlucht waren voor de ingreep, ondanks de drie sterren die ze zouden krijgen na de operatie wegens moedig gedrag.

Wij hebben ze opgepikt en zo zijn ze hier terecht gekomen. Evenals die vier dwergen daar met hun vliegbezem. Gelukkig hebben zij zo te zien geen trechter gehad, maar ze eten ook niet gewoon met ons mee hier. Slungel had alles verstaan want hij kende de taal van de dieren. Hij legde de ganzenhoedster verder uit dat het lang kon duren voor de ganzen normaal konden eten, ze hadden het simpelweg nooit geleerd in hun leven. Hij vertelde van zijn vier kippen die eens bij hem waren komen aanlopen, ontsnapt uit de legbatterijen kliniek, ze kende geen graan of mais en aten het de eerste drie dagen niet, tot ze ontdekte dat het eetbaar was.
Ze zaten boven op kippenmuur, normalerwijze delicatessen voor kippen, het duurde een week voor ze dat door hadden. Alleen drinken konden ze nog wel. Na een week hadden ze alles geleerd en tokte er lustig op los totdat op een nacht drie vossen op bezoek kwamen. Nee, dat ga ik niet nog eens vertellen! Ik hoop alleen dat het met die ganzen daar beter afloopt. De ganzenhoedster beloofde goed voor de ganzen te zorgen. Ze zou ze wel aan het eten krijgen zonder trechter. We werden uitgenodigd in haar kneuterig huisje, om te eten en te overnachten. Dat kwam ons heel goed uit, dan konden we uitgerust morgen weer verder vliegen. Word vervolgd.
Thl529201019 Auteursrechten voorbehouden volgens de wet

 

 

Home