De uitdaging

De uitdaging***

Daar waar "het" zich samenpakte in schitterende gloed, ontwakend uit zijn sluimering,
het is de cyclus die dat doet, werd energie verpakt in deeltjes, en deze tot atomen, volgens een oneindige oude wet.
Geen enkel levend wezen zou aan dit begin een startsein kunnen geven uit eigen gril
Het gevolg van zijn oorzaak zal leven en beleven, en weten 'al wat hem is meegegeven.
Zo wordt alles geschapen als een passerend landschap gezien van uit een sneltrein, die voort ijlt langs ijzeren staven.
Het einddoel altijd recht naar voren, rechts en links zijn als altijd doodlopende sporen.
Wie daar zoekt gaat in de waan verloren ook al lijken deze nauwkeurig uitgedacht en door vele uitverkoren.
De rechte weg langs ijzeren staven doet na opbouw afbraak dagen
Dikwijls ziet men al te laat? Dat men op de terugweg gaat.
Daar techniek en kunstmatigheid een schijnbaar recht spoor voorbereidt.
Zo ziet men in gelijke volgorde verdwijnen dat wat men in de andere volgrichting zag verschijnen.
De wetenschap ontdekt te laat dat dit reizen in een cirkel gaat.
Hoe gemakkelijk zou het blijken om dat alles in spiraalvorm te bereiken.
Door zijn intellect en kracht in te zetten voor de Grote Intellectuele Kracht.
Dat zich uit in de natuur en gewillig is voor mens en dier.
Zich verenigt voelen in hun kracht en zo genieten van de aardse pracht.
Het dier is wijzer dan de mens, dankzij de hem gestelde enge grens.
De mens die bevoordeeld is met weten...
Doch in zijn duisternis van ego´sme dit heeft vergeten
Alles veranderd hij en maakt het kort en klein.
Waardoor hij meester lijkt te zijn.
In zijn beheer probeert hij mens en dier af te blaffen
Om deze zo een eindeloze cirkel van arbeid in onnozelheid en ellende te verschaffen
En zo gaan we beleven. Wat in een bekend boek simpel is opgeschreven.
En dat zich in het heden van achter naar voren goed laat lezen.
En ziet, de wateren werden woest en tot stinkende groene modder poelen.
Het frisse groen der bomen werd tot dorren stronken, de groene planten tot drogen triestheid
En het vliegende gedierte tot pest verspreiders.
Het kruipende gedierte tot een rottende massa.
Bedekt door het zand dat niet meer vruchtbaar was
Totdat de grote wateren alles afvoerde naar een dode oceaan, die eenmaal wemelde van leven.
En ziet, de mens zelf zag dat het triest was.
Zijn stem klonk niet meer over de wateren.
Zijn tranen van smart en ellende werden verzwelgt door de zelfde wateren,
gevoegd bij die van de lagere diersoorten.
Daarna was er enkel nog stilte, die boven de wateren zweefde.
Door niemand gehoord.
Thl1738916auteursrechten voorbehouden volgens de wet

 

 

Home